Gedetineerden in de Zeeuwse gevangenissen, 1812-1931

zgzwartelijn500 zgzwartelijn140blauw zgzwartelijn300

Meer dan 115.000 inschrijvingen van personen die in de periode 1812-1931 zijn opgenomen in één van de Zeeuwse gevangenissen. In het archieven van de toezichthoudende colleges over de strafinrichtingen te Goes, Hulst, Kortgene, Middelburg, Oostburg, Sluis, Terneuzen, Vlissingen en Zierikzee (1809-1973) (toegang 254) bevinden zich de inschrijvings- en signalementsregisters van de Zeeuwse gevangenissen.

De kans dat men een voorouder in een gevangenisarchief aantreft is niet denkbeeldig. Een `zware' misdadiger hoefde men daarvoor niet te zijn. In de negentiende en het eerste deel van de twintigste eeuw ging de rechterlijke macht er immers snel toe over vrijheidsstraffen op te leggen. Bovendien gaven veroordeelden vaak de voorkeur aan één of meer dagen in de gevangenis boven een geldboete. Voor genealogisch onderzoek is van belang waar, waarvoor en hoe lang een voorouder gedetineerd is geweest. Gevangenisregisters kunnen een nuttige bron zijn om daarover meer te weten te komen.

In 1811 werd in heel Nederland het Franse model voor het gevangeniswezen ingevoerd. Men maakte onderscheid tussen (nog) niet veroordeelde of kortgestrafte personen en langer of zwaargestraften. De kortgestraften of niet-veroordeelden verbleven in een politiehuis: een huis van arrest of huis van justitie. De langer of zwaargestraften werden opgesloten in een verbeterhuis: een huis van correctie ofwel tuchthuis, hetzij een huis van reclusie en tuchtiging.

In 1821 was er een reorganisatie van het gevangeniswezen. Men maakte een striktere scheiding tussen langer gestraften, die opgesloten werden in een strafgevangenis, en de overige gedetineerden die naar een huis van verzekering gingen.

In 1886 werd in Nederland een nieuw Wetboek van Strafrecht van kracht. Het hierin gemaakte onderscheid in misdrijven en overtredingen vertaalde zich ook in de straftoedeling. Op misdrijven stond als straf opsluiting in een strafgevangenis, op overtredingen verblijf in een huis van bewaring (hechtenis). Daarnaast ontstonden bijzondere strafinstellingen, namelijk voor personen die langer dan vijf jaar straf kregen, voor mensen boven de zestig jaar en voor kinderen onder de achttien.

Bronnen
De belangrijkste bronnen voor onderzoek naar in voorarrest zittende of gestrafte voorouders zijn de inschrijvingsregisters van de verschillende soorten instellingen waar zij werden opgenomen, in Zeeland bekend onder de verzamelnaam ‘strafinrichtingen’.

Afhankelijk van de soort inrichting vindt u in een inschrijvingsregisters een schat aan informatie: ouderdom of geboortedatum, geboorteplaats, woonplaats, beroep, echtelijke staat, kerkelijke gezindte, namen, woonplaatsen en beroepen van ouders, delict en data en opmerkingen over de opneming en het vertrek. Daarnaast wordt meestal ook het signalement van de ingeschrevene genoemd, hetzij in de inschrijvingsregisters zelf, hetzij in afzonderlijke signalementregisters. In de kolom ‘opmerkingen’ treft u incidenteel aantekeningen omtrent strafvermindering, overplaatsing of overlijden.

In de registers van de gevangenissen vindt u bovendien gegevens over de veroordeling van de gevangene: de naam van de rechterlijke instantie die het vonnis uitsprak, de datum van veroordeling en de duur van de straf. Met deze informatie heeft u een rechtstreekse ingang in de archieven van het betreffende gerecht, zowel in de series vonnissen als processen-verbaal van de terechtzittingen. Houdt u er rekening mee dat deze series meestal zijn geordend op de datum van aanvang van het proces welke gemiddeld een à twee weken voor de in het inschrijvingsregister genoemde vonnisdatum ligt. Ook moet u er rekening mee houden dat vonnissen uitgesproken door het Provinciaal Gerechtshof van Zeeland (vóór 1876 gevestigd te Middelburg, daarna te Den Haag) niet meer aanwezig zijn omdat het archief van dit hof in 1945 bij het Engelse bombardement op het Haagse Bezuidenhout is verbrand. Voor zaken behandeld door het Gerechtshof geven de kranten uit die tijd vaak ook informatie.

Een persoon kan in deze index overigens meerdere keren voorkomen als gevolg van hetzelfde strafbare feit: eerst de inschrijving in het huis van bewaring en na de veroordeling de inschrijving in de strafgevangenis. Ook eventuele tussentijdse overplaatsingen - bijvoorbeeld omdat iemand elders was opgepakt of wegens het ook toen al bestaande cellentekort - leiden vaak tot meerdere inschrijvingen. Dankzij de index en de onderlinge verwijzingen in de registers kunnen we iemand gedurende zijn opsluitingen nauwkeurig volgen.

De inschrijvingsregisters over de periode 1812-1931 zijn in de studiezaal van het Zeeuws Archief op microfilm ter inzage.

Toelichting bij het bestellen van kopieën
Van de meeste vermeldingen in de registers kunt u een kopie bestellen. De meeste registers zijn groot van formaat en zwaar van gewicht. Om raadpleging mogelijk te maken zijn de registers over de periode 1812-1931 op microfilm gezet. Als u een kopie van een inschrijving bestelt, dan wordt er een print gemaakt van de microfilm. Wij proberen een zo goed mogelijke kwaliteit aan te bieden, maar dat zal niet altijd lukken, vooral bij de registers gedateerd van vóór 1850. Houdt u hier dus rekening mee. Het is niet mogelijk om kopieën van de originele registers te maken. Bestel niet alle vermeldingen van één persoon uit één jaar. Zoals al is aangegeven kan een persoon gedurende zijn strafproces zijn overgeplaatst. De meest relevante vermeldingen zijn die van de inschrijvingsregisters.

[laatst bijgewerkt: 21 oktober 2011]

zgboek
Achtergrondinformatie over deze bron

Strafgevangenis te Goes

 

Register Huis van Bewaring Middelburg